Mijnen in Zuid-Limburg

  • Domaniale mijn, Kerkrade
    Staatsmijn Wilhelmina, Terwinselen
    Staatsmijn Emma, tussen Treebeek en Hoensbroek
    Staatsmijn Hendrik, Rumpen
    Staatsmijn Maurits, Lutterade
    Staatsmijn Beatrix, Herkenbosch
    Mijn Willem-Sophia, Kerkrade
    Mijn Oranje-Nassau I, Heerlen
    Mijn Oranje-Nassau II, Schaesberg
    Mijn Oranje-Nassau III, Heerlerheide
    Mijn Oranje-Nassau IV, Heksenberg
    Mijn Laura, Eygelshoven
    Mijn Julia, Eygelshoven

links

Mijnramp Pasta de Conchos

  • De mijnramp Pasta de Conchos was een mijnramp die plaatsvond op 19 februari 2006, in Nueva Rosita, gemeente San Juan de Sabinas, in de deelstaat Coahuila in het noorden van Mexico. De ramp vond plaats om 2:30 lok tijd. 65 mijnwerkers in een kolenmijn raakten opgesloten nadat een gasleiding explodeerde, en een deel van de mijn instortte. Reddingswerkzaamheden werden gestart, maar men kon de mijnwerkers niet op tijd bereiken. Gouverneur Humberto Moreira Valdés en minister van arbeid Francisco Javier Salazar Sáenz verklaarden dat de mijn niet heropend zal worden tot alle lichamen geborgen zijn.

Steenkool

  • Steenkool bestaat uit afzettingen van plantenresten die in het geologisch verleden (de West-Europese steenkool in het carboon), zijn gevormd na langdurig aan hoge druk en warmte zijn blootgesteld, waarbij tamelijk zuivere koolstof en vluchtige verbindingen ontstonden, waarvan de laatste weer grotendeels zijn ontsnapt. De transformatie verloopt met toenemende blootstelling aan druk en temperatuur van veen via bruinkool naar steenkool en antraciet uiteindelijk naar grafiet.

Het Nederlandse Mijnmuseum.

  • Het Nederlands Mijnmuseum is een ontmoetingsplaats voor oud-mijnwerkers, familie, nabestaanden en enthousiastelingen in alles wat met mijnbouw te maken heeft. In het museum is onder andere een gedeelte van de "Rein Bettink Collectie" te zien. Een uitgebreide collectie van onder andere: mijnlampen, afbouwhamers, stijlen, kappen en veel andere mijnspullen. Het Nederlands Mijnmuseum is gehuisvest in het schachtgebouw van "schacht II" van de voormalige Oranje-Nassau mijn I te Heerlen. Een gebouw dat recentelijk is opgenomen in de UNESCO-top 100 monumenten. In het zogenaamde ophaalgebouw, een schacht van het Malakow-type, is de uit 1897 stammende originele ophaalmachine te bezichtigen, een schitterend stukje 19e eeuwse nostalgie

Mijnbouw in China.

  • China is mijnbouw een belangrijke bron van inkomsten. Er zijn vele verschillende soorten mijnen, waaronder steenkoolmijnen. Naast steenkool wordt er onder andere goud, uranium en andere metalen gewonnen. Het land telt naar schatting zes miljoen mijnwerkers. Veel mijnen zijn gevaarlijk. De overheid probeert weliswaar mijnen te sluiten, maar door de cultuur van smeergeld en corruptie gaan deze vaak later weer open. De enorme vraag naar energie speelt hierbij een grote rol.Jaarlijks sterven volgens een artikel zo'n 20.000 kompels of mijnwerkers. Andere bronnen houden het op enkele duizenden doden per jaar.

Mijngas

  • Mijngas was zonder enige twijfel het grootste gevaar. Bij zes procent mijngas was er ontploffingsgevaar, bij zestien procent verstikkingsgevaar. Zij moesten de werkplaats ontruimen bij drie procent en de productie al beperken bij anderhalve procent.

Wat is een mijn?

  • Een mijn is de plaats waar ertsen of andere delfstoffen in vaste vorm als steenkool, diamant en bruinkool worden opgegraven om daarna verder verwerkt te worden. Meestal is een mijn volledig ondergronds (schachtbouw): hier verbinden schachten die de liften bevatten de gangenstelsels. Meestal worden alleen de lagen weggegraven die de delfstof bevatten. Als de delfstof vlak aan de oppervlakte zit wordt deze in open mijnen (dagbouw) afgegraven. Hier wordt eerst de bovenste laag weggegraven totdat de lagen met de delfstof blootliggen. Vervolgens wordt deze met enorme baggermachines of ander graafmaterieel afgegraven en afgevoerd.

Mijnwerkers

  • Mijnwerker is een gevaarlijk beroep en in landen waar men het niet zo nauw neemt met de veiligheid gebeuren regelmatig ongelukken met meestal veel doden. Vooral kolenmijnen zijn berucht door het explosieve mijngas (hoofdzakelijk samengesteld uit methaan) dat dikwijls vrijkomt bij kolendelving.

Mijnen in België.

  • België kende steenkoolmijnen in de provincie Limburg met exploitatiezetels in Eisden, Waterschei, Zwartberg, Winterslag, Houthalen, Beringen en Zolder. Daarnaast dolf men steenkool in de Provincie Luik en in de Borinage (Provincie Henegouwen), in sommige mijnen al in de 17e eeuw. Deze mijnen zorgden voor een grote economische boost en maakten België naast het Verenigd Koninkrijk tot koploper van de industriële revolutie.

Mijnbouw in het algemeen.

  • De allereerste steenkoolwinning vond in de 12e eeuw plaats in het mijnveld van de Domaniale mijn te Kerkrade. Op 2 januari 1723 verkreeg de Abdij Rolduc bij octrooi het recht tot exploitatie van de mijntjes. Rond 1900 komt de kolenwinning in Zuid-Limburg tot bloei nadat onderzoek had uitgewezen dat er rond Eygelshoven, Heerlen en Geleen winbare kolenvoorraden aanwezig waren. Door de aanleg van nieuwe spoorverbindingen (spoorlijnen naar Aken en Stein) werd het vervoer van gewonnen kolen naar afzetgebieden eenvoudiger.Uiteindelijk waren er de 4 Oranje-Nassau mijnen (ON I t/m IV), de 4 Staatsmijnen (Maurits, Emma, Hendrik en Wilhelmina), en 4 andere particuliere mijnen: Laura, Julia, Willem-Sophia, en de Domaniale mijn. Een vijfde Staatsmijn, de Beatrix werd aangelegd in Herkenbosch, op het z.g. Vlodropperveld te ontginnen maar is nooit in bedrijf gekomen. Speciaal hiervoor zou station Herkenbosch uitgebreid worden. Dit station lag aan de zogenaamde IJzeren Rijn.

Einde van de Mijnbouw.

  • Door de gasvondst in Slochteren, en de steeds goedkoper wordende buitenlandse steenkool (en aardolie) werd de Limburgse steenkolenwinning onrendabel. De mijnsluiting begon met de historische toespraak van toenmalig minister van Economische zaken J.M. den Uyl in december 1965 in de stadsschouwburg van Heerlen. In de daaropvolgende negen jaren werden alle mijnen gesloten. De staatsmijn Maurits te Geleen ging als eerste dicht. De steenkolenwinning in Nederland is definitief gestaakt op 31 december 1974 met de sluiting van de mijn Oranje-Nassau I te Heerlen. Dit was ook de eerste grote ondergrondse mijn die geopend is (1899).

Mijnramp van Marcinelle

  • De mijnramp in Marcinelle is de grootste mijnramp uit de Belgische geschiedenis, en een van de grootste uit de Europese mijnbouwhistorie. In de kolenmijn Le Bois du Cazier bij Marcinelle, ten zuiden van Charleroi, brak op 8 augustus 1956 brand uit. Het leidde tot een ramp waarbij 262 mensen van twaalf verschillende nationaliteiten het leven lieten, onder wie 136 Italianen en 95 Belgen.
    De infrastructuur van de mijn in Marcinelle was in alle opzichten verouderd. Het hydraulisch systeem werkte in Marcinelle nog op olie terwijl in vele andere mijnen al op water was overgeschakeld. De mijnschachten en de tussendeuren waren van hout en (nog) niet van staal. Toch voldeed Marcinelle aan de wettelijke voorschriften van die tijd. Pas na de ramp werden de veiligheidsregels grondig bijgesteld.

Domaniale mijn

  • De domaniale mijn stond in Kerkrade en was een bedrijf met een lange historie. De domaniale mijn was de langste tijd van zijn bestaan in particuliere handen. Er werd in de jaren van het bestaan van deze mijn meer verlies geleden dan dat er winst werd gemaakt.

Staatsmijn Beatrix

  • De Staatsmijn Beatrix zou hebben moeten komen in de buurt van Herkenbosch, ongeveer 10 km oostelijk van Roermond. De geplande productie was ongeveer 1.8 miljoen ton per jaar. Het zou de eerste mijn zijn geweest van de kolenvelden in de Peel, die werden gezien als een vervanging voor de steeds meer uitgeput rakende kolenvelden in Zuid-limburg.

Staatsmijn Wilhelmina

  • De Wilhelmina mijn was een steenkolenmijn in Nederland. De mijn was ingesloten door consessievelden van de particuliere mijnen Laura en Julia te Eygelshoven(Gemeente Kerkrade), de nabij gelegen Oranje Nassau 2 te Schaesberg(gemeente Landgraaf) en de domaniale mijn te Kerkrade.

Staatsmijn Emma

  • De Staatsmijn Emma was een Nederlandse steenkolenmijn die van 1911 tot 1973 gevestigd was tussen Treebeek (destijds gemeente Heerlen, gedeeltelijk gemeente Brunssum) en Hoensbroek (deel van de gemeente Heerlen). Het was de op een na grootste steenkolenmijn van Nederland en bereikte met meer dan 109 miljoen ton steenkool de hoogste totale nettoproductie van alle mijnen in Nederland. Er werd vooral vetkool geproduceerd in de mijn. Het ondergrondse gebied van Emma bedroeg meer dan 7.000 hectare.

Staatsmijn Maurits

  • De Staatsmijn Maurits stond in Lutterade, Geleen (tegenwoordig Sittard-Geleen), en was de grootste steenkolenmijn van Nederland. Tot de aanleg van de derde schacht in 1958 was het tevens de grootste tweeschachtenmijn ter wereld.

Staatsmijn Hendrik

  • De staatsmijn Hendrik stond in de Brunssumse wijk Rumpen, maar was oorspronkelijk gepland in de gemeente Schinnen nabij Hoensbroek, met name in het gebied tussen de Moutheuvel en Hommert. De staatsmijn Hendrik produceerde hoofdzakelijk gasrijke vetkool die bewerkt werd tot cokes voor industrieel gebruik.

Mijn Willem-Sophia

  • De mijn ontstaat op gegeven moment door de fusie van twee steenkoolconcessies: Willem en Sophia die beiden zijn gestart op basis van positieve resultaten bij een proefboring in 1857 in de Ham en te Spekholzerheide. De steenkoolconcessie is dan in handen van de Nederlandse Bergwerksvereniging Willem.

Mijn Oranje Nassau II

  • Zij was gelegen in Heerlerheide in het noorden van de concessie, de (Oranje-Nassau Mijn III, of ON-III, start van de aanleg 1910.In het noordveld van de concessie bevinden zich vetkolen. Er werden magere kolen gedolven omdat in het noordveld veel storingen zijn. De eerste boring werd op 19 oktober 1908 aangezet op de Varenböcher (Varenbult) de latere buurtschap Varenbeuk.

Mijn Oranje-Nassau IV

  • In 1910 werd met de aanleg van de schacht (oorspronkelijk bedoeld als een ventilatieschacht voor ON-III) een aanvang gemaakt. Uiteindelijk werd het een "eigen" mijn, maar het duurde tot 1927 voordat de mijn in productie kwam. De ON-IV was de kleinste van de 4 ON-mijnen. In 1966 werden het ondergrondse bedrijf gecombineerd met dat van de naburige ON-III mijn, en het bovengrondse bedrijf van ON-IV werd verlaten en later afgebroken (met uitzondering van de schacht, welke als tweede schacht van de ON-III diende).

Mijn Oranje-Nassau I

  • Mijn Oranje-Nassau I was gevestigd in Heerlen, en was in gebruik van 1899 tot 1974. De productie was uiterst hoog, namelijk meer als 31 miljoen ton. Oorspronkelijk had het terrein 2 schachten, maar in 1912 is dit aantal uitgebreid tot 3.

Staatsmijn Julia

  • Julia is een voormalige steenkoolmijn in Eygelshoven.Van de twee mijnen in Eygelshoven werd de mijn Laura als eerste gesloten in 1968, de mijn Julia in 1974, en daarmee ging tevens de allerlaatste steenkoolmijn van Nederland dicht. Het terrein van de Julia is thans ingericht als industrieterrein.

Mijn Oranje Nassau III

  • De mijn had een schacht. Toen de mijn in 1966 was samengevoegd met de Oranje-Nassau IV diende de schacht van de Oranje-Nassau IV als de tweede schacht. Deze was oorspronkelijk reeds bedoeld als luchtschacht van de Oranje-Nassau III. De mijn ligt in Heerlen.

Steenkolenmijn Valkenburg

  • In Valkenburg is in een oude mergelgroeve een kolenmijn nagebouwd met orginele kolen afgraafmachines en materialen. Het hele jaar door worden daar rondleidingen gegeven door o.a. oud-mijnwerkers waarbij de diverse machines worden gedemonstreerd.

  • Steenkolenmijn Valkenburg

Oude Stoomtreinen

  • Zuid-Limburgse Stoomtrein Maatschappij (ZLSM) exploiteert een stoomtreindienst over de spoorlijn tussen Kerkrade en Valkenburg. Het gedeelte tussen Kerkrade en Simpelveld is onderdeel van de Miljoenenlijn.

  • Zlsm